Persbericht: Nederlands satellietinstrument Tropomi ziet luchtkwaliteit wereldwijd scherper dan ooit

Bronnen en omvang van luchtvervuiling zijn wereldwijd scherper in beeld dan ooit. Dat bleek vanochtend in het Duitse Oberpfaffenhofen bij de door ESA georganiseerde presentatie van de eerste plaatjes van het Nederlands satellietinstrument Tropomi aan de internationale pers. Het beeld is even indrukwekkend als ontluisterend. Niet alleen Delhi, maar eigenlijk heel Noord-India ligt onder een wolk van koolmonoxide. Maar ook de uitstoot van luchtvervuiling in ons eigen land is duidelijker zichtbaar dan ooit. “Je kunt aan rookpluimen zien waar de wind vandaan komt”, aldus KNMI-onderzoeker Pepijn Veefkind.

Tropomi werd op 13 oktober gelanceerd op de Europese satelliet Sentinel-5P, die ESA bouwde als onderdeel van het omvangrijke aardobservatieprogramma Copernicus van de Europese Commissie. Na het inregelen van de satelliet is Tropomi nu klaar voor gebruik. De eerste beelden laten nu al zien dat de Nederlandse technologie van onschatbare waarde is voor gerichte aanpak van luchtvervuiling wereldwijd.

In Nederland zijn het de onderzoekers van het KNMI en het Nederlands ruimteonderzoeksinstituut SRON die de eerste gegevens van Tropomi omzetten in beelden. SRON gaf zo een eerste beeld van de verspreiding van koolmonoxide, een gas dat vrijkomt bij de verbranding van biomassa en fossiele brandstoffen. En het KNMI biedt een eerste blik op stikstofdioxide, dat vrijkomt door verkeer en industriële activiteit.

 

Ontbossing

Met enkele dagen meten ontstond al een beeld van de uitstoot van koolmonoxide over de hele wereld. Opvallend is de wolk boven het Amazonegebied, veroorzaakt door branden die te maken hebben met de grootschalige ontbossing. Maar ook de luchtvervuiling in Noord-India en aan de Chinese Oostkust is duidelijk zichtbaar. “Voorheen hadden we daar jaren voor nodig”, zegt SRON-onderzoeker Ilse Aben. “We waren er altijd van overtuigd dat Tropomi dit zou moeten kunnen maar het echt zien was toch wel even andere koek. Heel indrukwekkend.”

8-trop_co_world

Inzoomen met Tropomi is ook goed mogelijk. Zo laat een beeld van de Povlakte zien dat daar de luchtvervuiling, die vooral wordt veroorzaakt door vervoer en de verwarming van gebouwen een beetje blijft hangen tussen de bergketens.

9-trop_co_italy

 

De wind

In Nederland vallen vooral de wolken van stikstofdioxide op, veroorzaakt door verkeer en industrie. De waarde van Tropomi zit hem hier in het feit dat we goed kunnen onderscheiden wat nu de precieze bronnen zijn, hoe de concentraties variëren per dag en wat bijvoorbeeld de invloed van de wind is.

2-trop_no2_20171117

De hoeveelheid data die Tropomi naar de aarde stuurt is gigantisch, zegt Veefkind: “Tropomi maakt spectra, metingen van uiteengerafeld licht. Per spectrum meet Tropomi bijna 4000 golflengtes tegelijk. Per seconde maakt Tropomi 450 spectra. Dat betekent dat het instrument per dag 20 miljoen spectra naar beneden stuurt”.

 

Tropomi is een samenwerking tussen Airbus Defence and Space Netherlands, KNMI, SRON en TNO, in opdracht van het NSO en ESA. Airbus DS NL is hoofdaannemer voor het ontwerp en de bouw van het instrument. TNO is verantwoordelijk voor het optisch ontwerp. De wetenschappelijke leiding is in handen van het KNMI en SRON. Tropomi wordt gefinancierd door het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Meer informatie:

Voor meer informatie over Tropomi en de eerste beelden kunt u contact opnemen met Jasper Wamsteker (NSO, j.wamsteker@spaceoffice.nl, 0652525914), Harry Geurts (KNMI, harry.geurts@knmi.nl, 06 53 214 364) of Frans Stravers (SRON, f.stravers@sron.nl, 0652679395).

Eerste beelden:

De eerste beelden met uitleg vindt u onder deze link

Het Netherlands Space Office (NSO) is de Nederlandse ruimtevaartorganisatie. Het NSO is een samenwerking van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat, het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO).

 

 

Koelerdeur Tropomi succesvol geopend

De deur van de koeler van het Nederlandse ruimte-instrument Tropomi is deze ochtend succesvol opengeklapt. “De klep is zojuist open gegaan en we zien de temperatuur van het instrument dalen, dus de koeler doet zijn werk”, aldus projectmanager Harry Förster, die de operatie volgt vanuit het Mission Control Centre van ESA in Darmstadt.

Het openen van de koeler was het laatste operatie na lancering van de Sentinel-5P satelliet. Direct na lancering vouwden de zonnepanelen al succesvol uit. De koeler zorgt ervoor dat de sensoren van Tropomi op een lage temperatuur blijven waardoor ze hun metingen kunnen doen. De eerste meetsignalen van het instrument worden in december verwacht.  Daarna volgt een periode van kalibratie en inregelen, waarna het echte meetwerk kan beginnen.

Tropomi werd op 13 oktober succesvol gelanceerd vanuit het Russische Plesetsk, als onderdeel van de Europese Sentinel-5P satelliet. Eenmaal operationeel gaat Tropomi iedere dag een beeld geven van de luchtkwaliteit op iedere plek op de wereld.

Tropomi is een samenwerking tussen Airbus Defence and Space Netherlands, KNMI, SRON en TNO, in opdracht van het NSO en ESA. Airbus Defence and Space Netherlands is hoofdaannemer voor de ontwikkeling van het instrument. De wetenschappelijke leiding is in handen van het KNMI en SRON. Tropomi wordt gefinancierd door het Ministerie van Economische Zaken, het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu.

Satelliet met Tropomi in baan rond de aarde en functioneert prima

Na een vlekkeloze lancering afgelopen vrijdag heeft Sentinel-5P met het Nederlandse ruimte-instrument Tropomi inmiddels meer dan 50 rondjes om de aarde gevlogen. De satelliet functioneert uitstekend. “Er waren geen verrassingen en we liggen zelfs iets voor op het schema van de eerste drie dagen”, aldus ESA.

Nadat iedereen die de lancering vanuit ESTEC volgde vrijdag met ingehouden adem de Rockot met donderend geraas had zien vertrekken steeg een voorzichtig eerste applaus op. Exact 93 minuten later klonk een daverend uitgelaten gejuich toen het eerste signaal van de satelliet op het groot scherm verscheen in de vorm van een piek in een grafiek.

“Dit is het begin van een nieuw tijdperk”, aldus NSO-directeur Ger Nieuwpoort. “Ik ben geweldig trots op het Nederlands aandeel aan dit project en blij voor iedereen die hier met hart en ziel aan gewerkt heeft. Felicitaties aan ESA, de Europese Commissie en het team achter Tropomi.”

Het signaal op het scherm bewees dat een aantal cruciale stappen na de lancering succesvol was verlopen. Zo moest de satelliet bij een snelheid van 27 000 kilometer per uur separeren van de laatste rakettrap. Vervolgens moesten de drie zonnepanelen openklappen en de communicatie met het grondstation opstarten. Zou daar iets haperen, dan had dat mogelijk een vroegtijdig ‘end of mission’ betekend.

Nu de satelliet goed functioneert kan begonnen worden met de volgende fase: het inregelen van het Tropomi-instrument. Dat kost nog wel een aantal weken. “Om te beginnen wordt het instrument opgewarmd, om zo alle eventuele aardse gassen die meegenomen zijn uit te stoken”, zegt project manager bij NSO, Harry Förster. “Daarna klapt de radiator uit, koelt het instrument af en kunnen we de sensoren gaan gebruiken.”

En dan is het wachten op het first light, het eerste plaatje op basis van Tropomi data. Eind november wordt dat verwacht. Het KNMI kon zich de afgelopen jaren goed voorbereiden op het ontvangen en bewerken van de enorme hoeveelheid data die TROPOMI straks richting aarde stuurt. Die data komen via Duitsland in De Bilt terecht. Hoofdonderzoeker van Tropomi Pepijn Veefkind: “We hebben in totaal tien dataproducten op stapel staan. Als we de nieuwe data straks combineren met andere datasets, ontstaan hier of elders ongetwijfeld nog talloze andere toepassingen van Tropomi-gegevens. De mogelijkheden zijn eindeloos.”

Over Tropomi

Tropomi is een samenwerking tussen Airbus Defence and Space Netherlands, KNMI, SRON en TNO, in opdracht van het NSO en ESA. Airbus Defence and Space Netherlands is hoofdaannemer voor de ontwikkeling van het instrument. De wetenschappelijke leiding is in handen van het KNMI en SRON. Tropomi wordt gefinancierd door het Ministerie van Economische Zaken, het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu.

Lancering Nederlands ruimte-instrument voor luchtkwaliteit en klimaat

Persuitnodiging:

Wat: lancering Sentinel-5p satelliet met Nederlands ruimte-instrument Tropomi

Waar: ESTEC, Keplerlaan 1 Noordwijk

Wanneer: 13 oktober, launch event 10u-13u; tussen 8:00u-9:00u bezoekt Minister Kamp ESTEC voor een ontmoeting met het team achter Tropomi

Meer informatie en aanmelden: Jasper Wamsteker, NSO (j.wamsteker@spaceoffice.nl, 0652525914), Anja Appelt, ESA (Anja.Appelt@esa.int, 071 565 3007)

 

Lancering Nederlands ruimte-instrument voor luchtkwaliteit en klimaat

Op vrijdag 13 oktober om 11:27u Nederlandse tijd vindt de lancering plaats van de Europese satelliet Sentinel-5P met in het hart het Nederlandse ruimte-instrument Tropomi. Als meest geavanceerde Nederlandse ruimtevaartproject ooit brengt Tropomi met ongekende precisie luchtkwaliteit en broeikasgassen wereldwijd in kaart. Media zijn van harte uitgenodigd om de lancering samen met de direct betrokkenen live te volgen vanuit ESTEC, de Nederlandse vestiging van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA in Noordwijk.

Een beeld van de luchtkwaliteit en klimaatontwikkeling. Op iedere plek van de wereld. Iedere dag weer. En dat tot op stadsniveau. Dat is de belofte die volgende week met Tropomi gelanceerd wordt vanuit het Russische Plesetsk. Reikhalzend kijken onderzoekers en beleidsmakers hier naar uit. Jarenlang hebben Nederlandse wetenschappers en ingenieurs van Airbus Defence and Space Netherlands, KNMI, SRON en TNO hier in opdracht van het Nederlands ruimtevaartagentschap Netherlands Space Office (NSO) aan gewerkt. Resultaat is een ongekend staaltje innovatie van de lage landen, waarin het beste van de Nederlandse ruimtevaarttechnologie en atmosfeerwetenschap samenkomt.

Het begon allemaal met de handtekening die toenmalig minister van Economische Zaken Maria van der Hoeven acht jaar geleden zette onder het contract met ESA. Daarmee bevestigde Nederland de levering van Tropomi als in kind bijdrage aan de Sentinel-5P satelliet, een onderdeel van het omvangrijke Europese aardobservatieprogramma Copernicus. In totaal investeerde de Nederlandse overheid zo’n 100 miljoen euro in de ontwikkeling en bouw van Tropomi. Parallel aan Tropomi bouwde ESA het satellietplatform van Sentinel-5P, zo dat Tropomi er later optimaal op kan functioneren. Afgelopen jaar werden de twee samengebouwd en nu zit de satelliet met zijn kostbare lading lanceerklaar in de neuskegel van de raket.

Revolutionair

sentinel-5p_encapsulation_node_full_image_2Na lancering gaat Tropomi minimaal zeven jaar zijn werk doen op 824 kilometer hoogte in een baan om de aarde aan boord van de Sentinel-5P satelliet. De technologie van Tropomi is revolutionair. Het licht kaatst via spiegels, wordt uiteengerafeld door tralies en uiteindelijk vastgelegd met detectoren. Nederlandse innovaties zoals het door TNO en SRON ontwikkelde ‘verzonken tralie’ en de ‘vrije-vorm optiek’ van TNO maken het instrument aanzienlijk beter en kleiner dan zijn voorgangers.

Tropomi kijkt en vergelijkt. Het instrument detecteert, via een aantal stappen, licht dat weerkaatst wordt door de dampkring en vergelijkt dit met licht direct van de zon. Uit het verschil halen wetenschappers informatie over de samenstelling van onze atmosfeer. Zo levert Tropomi een beeld van de aanwezigheid en verspreiding van een veelheid aan gassen en stoffen in onze atmosfeer, zoals stikstofdioxide, ozon, zwaveldioxide, methaan, koolmonoxide en aerosolen.

Bewakingscamera

Sentinel-5P draagt zo niet alleen de broodnodige bewakingscamera van de atmosfeer, de satelliet zelf is weer een belangrijk nieuw lid van de inmiddels zes satellieten tellende Sentinel-familie. De Sentinels vormen de door ESA ontwikkelde ruimtecomponent van het Copernicus-programma voor aardobservatie van de Europese Commissie.

Tropomi is een samenwerking tussen Airbus Defence and Space Netherlands, KNMI, SRON en TNO, in opdracht van het NSO en ESA. Airbus Defence and Space Netherlands is hoofdaannemer voor de ontwikkeling van het instrument. TNO is verantwoordelijk voor het optisch ontwerp. De wetenschappelijke leiding is in handen van het KNMI en SRON. TROPOMI wordt gefinancierd door het Ministerie van Economische Zaken, het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu.sentinel-5p_inside_rockot_fairing

 

Programma:

8:00u-9:00u Bezoek minister Henk Kamp van Economische Zaken aan ESTEC

– De minister legt contact met ‘Mission Control’ en krijgt uitleg over de missie van de directeuren van ESA en ontmoet het team achter Tropomi

– Ook hierbij zijn media welkom

10:00u          Inloop voor launch event

10:30u          Welkom ESA DG Jan Wörner

-Interactief programma met bijdragen van ESA directeur aardobservatie Josef Aschbacher, NSO directeur Ger Nieuwpoort, astronaut André Kuipers en      ingenieurs en wetenschappers van Airbus Defence and Space Leiden, KNMI, SRON en TNO

                      -Live schakeling naar lanceerbasis Plesetsk en Mission Control in Darmstadt

11:27u          lancering Sentinel-5P

11:35u          Lunch

12:45u          Live verslag van Satellite Separation, Solar Array Deployment en First Signal

13:00u          Einde event

Media

Aanmelden voor deze bijeenkomst is verplicht. Graag aangeven of u ook van plan bent aanwezig te zijn bij het bezoek van Minister Kamp.

Voor meer informatie en aanmelden kunt u contact opnemen met: Jasper Wamsteker van Netherlands Space Office, j.wamsteker@spaceoffice.nl, 06 52525914 of Anja Appelt van ESA, Anja.Appelt@esa.int, 071 565 3007

Links:

-ESA Video gallery Sentinel-5P: http://www.esa.int/spaceinvideos/Missions/Sentinel-5P

-Tropomi-website: http://www.tropomi.nl/

-Europese satelliet met Nederlands hart klaar voor lancering: https://www.spaceoffice.nl/nl/nieuws/209/europese-satelliet-met-nederlands-hart-klaar-voor-lancering.html

-Netherlands Space Office: https://www.spaceoffice.nl/nl/

Persbericht: Europese luchtmonitoring-satelliet met Nederlands hart te bezichtigen

Sentinel-5 Precursor – de eerste satelliet binnen het Copernicus-programma die gebruikt gaat worden om de luchtkwaliteit te meten – staat op het punt om naar Rusland te vertrekken voor zijn lancering naar de ruimte. Sentinel-5 Precursor is een Europese satelliet met een Nederlands hart. Nederlandse bedrijven en instituten ontwikkelden het ruimte-instrument Tropomi, één van de meest geavanceerde ruimtevaartprojecten ooit van Nederlandse bodem.

Lees meer op de ESA websitesentinel-5_precursor_in_testing_medium

Tropomi opgeleverd en verenigd met satelliet Sentinel 5p

Het Nederlandse meetinstrument Tropomi is opgeleverd en met succes op de satelliet Sentinel 5 Precursor gemonteerd. De satelliet en het instrument ondergaan de komende maanden een stevig testprogramma. De lancering staat gepland in het derde kwartaal van 2017. Projectmanager bij het NSO Harry Förster: ‘Het afronden van deze samenbouw is een belangrijke mijlpaal om volgend jaar op tijd met de aardobservatiemissie te starten die wereldwijd de luchtkwaliteit gaat monitoren.’

Tropomi, als enige meetinstrument de nuttige lading van Sentinel 5 Precursor, staat samen met satelliet bij Airbus Defence and Space in het Britse Stevenage. ‘Het belangrijkste momenttijdens de samenbouw was de koppeling van de koeler aan Tropomi’, aldus deputy projectmanager van hoofdaannemer Airbus Defense and Space Netherlands Dirk Slootweg. ‘De koeler zorgt dat de onderdelen van Tropomi, zoals de detectoren, in de ruimte hun warmte goed kwijt kunnen. Dit onderdeel moet naadloos aansluiten op het Tropomi instrument en kan niet, zoals sommige andere onderdelen, nog worden aangepast. Alles paste precies, wat getuigt van een goede voorbereiding en een uitstekend productieproces.’

Geen verrassingen
Aan de samenbouw van Tropomi werd vanaf 15 mei drie weken lang gewerkt. Daarna werden de ‘thermische dekens’ aangebracht die het instrument beschermen tegen grote temperatuurverschillen. In zon komt de satelliet temperaturen tegen van zo’n +130 graden Celsius, terwijl het in de schaduw juist 130 graden vriest.

Eind juli wordt de satelliet Sentinel 5p verscheept van Stevenage naar Toulouse voor een uitgebreid testprogramma bij Intespace. Daar wordt hij blootgesteld aan de trillingen en geluiden die vrijkomen bij een raketlancering. En er wordt gekeken of de hardware goed functioneert bij extreme temperaturen in een vacuüm. ‘Ik verwacht geen grote verrassingen bij die testen. Ons vertrouwen in Tropomi is groot’, zegt Slootweg. ‘Los van elkaar zijn alle onderdelen al grondig getest. Nu gaan ze samen op voor het grote eindexamen. Als alles volgens plan verloopt, komen Tropomi en zijn satelliet rond Sinterklaasavond weer terug naar het Verenigd Koninkrijk.’

Elke dag
Na een paar laatste aanpassingen en een ‘flight acceptancereview’ in Stevenage gaat de aardobservatiesatelliet daarna op transport naar Plesetsk in Rusland. Van daaruit wordt hij tussen maart en juli 2016 naar de ruimte gelanceerd aan boord van een Russische Rockot lanceerraket.

Tropomi, een Nederlands instrument dat voortborduurt op eerdere successen als OMI en Sciamachy, brengt onder meer koolmonoxide, methaan, stikstofdioxide en ozon in kaart. Elke dag produceert het instrument een nieuwe kaart van de luchtkwaliteit in de hele wereld, tot op wijkniveau nauwkeurig.

Klein en precies
Tropomi detecteert licht dat weerkaatst wordt door de dampkring en vergelijkt dit met licht direct van de zon. Het licht kaatst via spiegels, wordt uiteengerafeld door tralies en uiteindelijk vastgelegd met een detector. Nederlandse innovaties als de ‘verzonken tralie’ van SRON en TNO maken het instrument veertig keer kleiner dan zijn voorgangers, zonder aan precisie in te boeten. De gegevens die Tropomi in de ruimte verzamelt, worden door KNMI en SRON bewerkt en geschikt gemaakt voor wetenschappelijk onderzoek en andere toepassingen.

Fit check Tropomi en koeler succesvol

Satellietinstrument Tropomi moet het hoofd koel houden tijdens zijn missie. Daarom wordt dit jaar een geavanceerde passieve koeler gebouwd en getest, die zorgt dat de onderdelen van Tropomi, zoals de detectoren, hun warmte kwijt kunnen. Om tijdig te weten of al de verbindingen goed passen, vond afgelopen maand een zogenaamde ‘fit check’ plaats bij het Centre Spatial in Luik (CSL). Het was de eerste ontmoeting tussen Tropomi en zijn koeler.

De door Airbus Defence and Space ontwikkelde koeler werd speciaal voor de fit check vanuit Friedrichshafen in Duitsland naar het CSL getransporteerd. In de cleanroom werden beide delen voorzichtig naar elkaar toe gebracht en bekeken ingenieurs van Dutch Space en Airbus Defence and Space of de contactvlakken goed op elkaar aansluiten en vastgezet kunnen worden. De fit check was succesvol. Weliswaar werd een paar kleine verbeterpunten gesignaleerd, maar die zijn relatief eenvoudig aan te passen. Dankzij de ‘generale repetitie’ komt het Tropomi team bij de echte samenbouw in 2015 niet voor verrassingen te staan.

Inmiddels is de koeler weer terug naar Friedrichshafen waar deze zijn eigen testprogramma volgt. Tropomi blijft tot begin 2017 in Luik voor de kalibratie van het instrument.

Ruimte-instrument Tropomi klaar voor laatste testfase

Voor Tropomi, het Nederlandse aardobservatie instrument dat per 2016 onze atmosfeer vanuit de ruimte monitort, breekt morgen de laatste fase van de ontwikkeling en bouw aan. Het meetinstrument wordt dit weekend vanaf Dutch Space, het Nederlandse bedrijf dat hoofdaannemer is van Tropomi, vervoerd naar Centre Spatial in het Belgische Luik, waar het in de komende maanden uitvoerig wordt getest en gekalibreerd.

De eerste helft van 2014 stond in het teken van de samenbouw van Tropomi. Naast honderden gedetailleerde, hightech onderdelen vormen twee modules het hart van het instrument. De UVN-module, de spectrometer voor ultraviolet, visuele en nabij-infrarood ontwikkeld door TNO in Delft, en de Short-Wave InfraRed (SWIR)-module uit Engeland zijn tot één instrument samengebouwd. Voor dit complexe traject bereidde het Dutch Space team zich nauwkeurig voor met behulp van een 3D model van het instrument. De samenbouw gebeurde onder zeer schone omstandigheden om de prestaties van de gevoelige, optische elementen te behouden. Na het testen van de elektrische systemen is Tropomi klaar voor vertrek naar België.

In de testfaciliteit in Luik wordt Tropomi blootgesteld aan wisselende temperaturen in vacuüm en aan stevige trillingen die de lancering nabootsen. Het instrument wordt vervolgens gedurende vier maanden gekalibreerd. De kalibratie voorziet wetenschappers van informatie voor de toekomstige verwerking en –interpretatie van gegevens die het meetinstrument straks vanuit de ruimte stuurt.

(bron: Dutch Space)

‘Tropomi is ongelooflijk goed ontworpen’

Het Nederlandse satellietinstrument Tropomi verlaat op 18 juli de cleanrooms van Dutch Space in Leiden en wordt getransporteerd naar die van het Centre Spatial in Luik (CSL). Het zijn spannende tijden voor Marc Oort, technisch coördinator bij Dutch Space, nu het meetinstrument zo goed als klaar is en de testfase in gaat.

Dutch Space draaide de afgelopen weken overuren. Wat was jullie opdracht?
‘We hebben de verschillende onderdelen van Tropomi samengebouwd. Het begon eind april toen twee belangrijke onderdelen binnen een tijdsbestek van twee weken bij ons binnenkwamen. De UVN-module kwam van TNO in Delft, de SWIR-module uit Engeland. Na grondige inspecties hebben we beide onderdelen tot één meetinstrument samengebouwd.’

Dat was vast geen eenvoudige klus?
‘Twee grote onderdelen op elkaar zetten is het begin, daarna heb je honderden, zo niet duizenden kleinere onderdelen die allemaal precies volgens de blauwdrukken gemonteerd moeten worden. Omdat het allemaal in één keer goed moest, hebben we eerst uitgebreide procedures geschreven. Daarna hebben we een 3D model van het instrument geprint en daarop alle handelingen voorbereid. Van elke handeling zijn foto’s genomen om de kans op fouten bij het echte instrument in de cleanroom te voorkomen.’

Is dat gelukt?
‘Zoals bij elk project zijn we wel wat onverwachte dingen tegengekomen, maar niets dat grote problemen veroorzaakte. In teams hebben we dag en nacht doorgewerkt om het instrument op tijd af te krijgen voor de deadline voor het transport op 18 juli. Dat vonden we aanvankelijk een wat optimistische planning, maar we hebben het gehaald omdat dit instrument ongelooflijk goed ontworpen is.’

Hoe zou je de afgelopen maanden omschrijven?
‘Om in voetbaltermen te spreken: we zijn als beste door de groepsfase heen. Er komen nog een paar wedstrijden, maar ons uitgangspunt is goed. Op dit moment testen we de elektrische systemen. Daarna gaan we het instrument inpakken voor de volgende uitdagingen in Luik.’

Wat staat er precies op de planning?
‘In Luik komen de ‘echte’ testen. Daar wordt het instrument blootgesteld aan wisselende temperaturen, een vacuüm en stevige trillingen die het ook zal ondergaan bij de lancering. Kortom: alles wat Tropomi op weg naar de ruimte en in de ruimte gaat meemaken, wordt eerst hier op aarde nagebootst. Daarna wordt het instrument in vijf maanden lang gekalibreerd zodat wetenschappers precies weten hoe ze de gegevens die het terugstuurt uit de ruimte moeten interpreteren.’

Wanneer gaat de champagne bij Dutch Space open?
‘Helemaal tevreden zijn we pas als het instrument in de ruimte goed blijkt te werken. Maar tussendoor is het afleveren van Tropomi in Luik voor ons ook een belangrijk moment. Het is weer een belangrijke mijlpaal op weg naar de lancering begin 2017.’

Nederlandse onderzoekers maken WK-verwachting voor luchtkwaliteit

Het Nederlands elftal speelt tijdens het WK voetbal in Brazilië in verschillende steden onder heel verschillende omstandigheden. Warmte, koude en neerslag komen in elke voorbeschouwing aan de orde. Maar hoe zit het met de luchtkwaliteit? Nederlandse onderzoekers grepen het WK voetbal aan om de modellen bij te schaven zodat ze tijdens de Olympische Spelen in 2016 – ook in Brazilië – een dagelijkse verwachting van de luchtkwaliteit kunnen geven.

Wordt het morgen kortebroekenweer, of moet de paraplu mee? Met een paar plaatjes brengt de weerman of -vrouw ons elke dag op de hoogte van de temperatuur, neerslag, wind en bewolking. Op dezelfde manier kun je met gegevens over ozon, stikstofdioxide en aërosolen (kleine stofdeeltjes) in de atmosfeer een verwachting presenteren van de luchtkwaliteit. Handig voor mensen met gezondheidsproblemen, zoals bijvoorbeeld astma.

Regionale modellen
Lyana Curier, onderzoeker luchtkwaliteit bij TNO, werkt samen met onderzoekers van
het KNMI, RIVM en het Planbureau voor de Leefomgeving aan regionale modellen van de luchtkwaliteit: ‘Tot nu toe maakten we alleen verwachtingen voor Europa. Dat doen we met theoretische modellen, metingen op de grond en data van satellietinstrumenten. Het WK voetbal leek ons een mooie aanleiding om ons systeem uit te breiden en verder te ontwikkelen.’

De grootste stap in het verbeteren van de modellen vindt plaats precies tussen het WK en de Olympische Spelen. In 2015 wordt het door Nederland ontwikkelde satellietinstrument Tropomi in een baan om de aarde gebracht. Curier: ‘Tropomi voorziet ons van wereldwijde data met details tot op stadsniveau. Deze informatie is moeilijk op de grond te verzamelen en gaat de modellen dus aanzienlijk verbeteren.’

Natuurbranden
Satellietdata hebben behalve hun wereldwijde dekking ook het voordeel dat ze accuraat en actueel zijn. Veel van de huidige modellen voor luchtkwaliteit zijn gebaseerd op indirecte berekeningen. Hoeveel brandstof is er in een jaar verkocht? En welke productie hebben fabrieken gedraaid? Via deze cijfers wordt de emissie van vervuilende gassen berekend en zo valt iets te zeggen over de verandering van de luchtkwaliteit. ‘Natuurbranden zoals die in Portugal in 2009 en die in Moskou in 2010 kom je in deze statistieken niet tegen’, legt Curier uit. ‘Satellietinstrumenten kunnen onze modellen verrijken met juist deze real time informatie.’

De experimentele site rond het WK-in Brazilië is opgezet voor de wetenschappelijke gemeenschap en voor de leek dus best moeilijk te doorgronden. Wel krijgen de verwachtingen in verschillende steden al een kleurcode: groen is goed, geel redelijk, oranje een waarschuwing voor mensen met bijvoorbeeld problemen aan de luchtwegen en rood betekent dat iedereen een gezondheidsrisico loopt.

Voor de Olympische Spelen over twee jaar worden de modellen en de driedaagse verwachtingen nauwkeuriger en komt er een kaart van Brazilië die per regio in één oogopslag duidelijk maakt of de spelers van Oranje en de supporters frisse lucht kunnen ademen of hoestend en proestend over straat zullen gaan.

Spannende tijd
De lancering van het satellietinstrument Tropomi in 2016 luidt een spannende tijd in voor onderzoekers van de atmosfeer, zegt Curier: ‘We leven in een wereld waarin we het erg goed voor onszelf hebben gemaakt. We zijn welvarend en van alle gemakken voorzien. Maar met onze leefstijl brengen we wel schade toe aan onze omgeving. Daarom moeten we onderzoeken hoe we de welvaart en economische groei kunnen behouden, zonder dat we het milieu daarmee nog verder belasten. Ik probeer met mijn werk een kleine, maar belangrijke bijdrage te leveren aan die oplossing.’

Dankzij de kwaliteit van meetinstrumenten als Tropomi neemt het vertrouwen in de modellen voor luchtkwaliteit steeds verder toe, zien de onderzoekers achter de WK-verwachting. In de toekomst werken ze aan meer relevante modellen, bijvoorbeeld voor industriële gebieden in China en de opkomende economieën. ‘Uiteindelijk is het aan overheden om beleid te maken’, aldus Curier, ‘maar daarbij kunnen onze modellen wel een heel belangrijke rol spelen.’